Gedurende de meting kan het voorkomen dat een sensor niet meer communiceert met de HUB of dat de HUB geen data meer verzendt naar de HUME-database. De HUB stuurt in dat geval een melding naar de dashboard app, zodat er actie op kan worden ondernomen.

De dashboard app kan de onderstaande foutmeldingen sturen. Deze meldingen kunnen niet worden uitgezet. De historie van de verstuurde meldingen is in te zien via het symbool rechtsboven in het dasboard overzicht.

Foutmelding 1: De [NAAM SENSOR] van [NAAM CLIËNT] is niet verbonden

Oplossing:

  1. Leg de HUB dichter bij de sensoren.

  2. Verschijnt deze melding opnieuw: vervang de batterij van de borstsensor of laad de batterij van de SentiSock of polsband op. Hierna kan een nieuwe meetsessie worden gestart.

Opmerking: De HUME functioneert minder goed als de borstband uitvalt. Wanneer de SentiSock of polsband uitvalt, werkt de HUME niet meer.

Foutmelding 2: De borstband van [NAAM CLIËNT] meet niet goed

Oplossing:

  1. Controleer of de borstband strak genoeg zit.

  2. Controleer of de sensor op de juiste plek zit (onder linker tepel).

  3. Controleer of de sensor goed vastgeklikt zit op de borstband.

Opmerking: De HUME functioneert minder goed als de borstband uitvalt. Wanneer de SentiSock of polsband uitvalt, werkt de HUME niet meer.

Foutmelding 3: [NAAM SENSOR] van [NAAM CLIËNT] is bijna leeg

Oplossing:Vervang indien nodig de batterij van de borstsensor of laad de batterij van de SentiSock of polsband op. Hierna kan een nieuwe meetsessie worden gestart.

Opmerking: De HUME functioneert minder goed als de borstband uitvalt. Wanneer de SentiSock of polsband uitvalt, werkt de HUME niet meer.